U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.

Bent u nieuwsgierig naar de betekenis en de achtergronden van Sri Ekadasi, de speciale vastendag die de toegewijden tweemaal per maand volgen?
Hierbij een korte beschrijving van een gedeelte uit het Veertiende Hoofdstuk van de Padma Purana.

Lang geleden vroeg de grote wijze Jaimini eens aan zijn geestelijk leraar, de eerbiedwaardige Srila Vyasadeva, of deze hem over de betekenis en verschijning van Ekadasi wilde onderwijzen. Geïnspireerd door het onderwerp en door de leergierigheid van zijn discipel begon de grote wijze in vervoering te vertellen:

“Aan het begin van de schepping van de materiële wereld creëerde de Heer alle bewegende en niet bewegende levende wezens, gemaakt van de vijf grofstoffelijke elementen. Gelijktijdig, met het doel om de mens te straffen, schiep Hij een persoonlijkheid wiens gedaante de belichaming van zonde was. Deze werd de Papa-purusa genoemd. De diverse lichaamsdelen van deze persoonlijkheid waren opgebouwd uit verschillende zondige daden. Zijn hoofd was gemaakt van de zonde van het vermoorden van een brahmana’ . Zijn ogen namen de gedaante aan van de zonde van het nuttigen van alcoholische dranken. Zijn mond was gemaakt van de zonde van het stelen van goud. Zijn oren namen de gedaante aan van de zonde van het hebben van ongeoorloofde seksuele omgang met de vrouw van de geestelijk leraar. Zijn neus werd gemaakt van de zonde van het doden van de echtgenote. Zijn armen belichaamden de zonde van het doden van een koe. Zijn nek was gemaakt van de zonde van het stelen van andermans vergaarde rijkdom, en zijn borst van de zonde van het plegen van abortus. Onder zijn borstkas bevond zich de zonde van het hebben van seksuele omgang met andermans vrouw. Zijn maag werd gemaakt van de zonde van het doden van familieleden. Zijn navel belichaamde de zonde van het doden van een afhankelijke. Zijn taille vertegenwoordigde de zonde van zelfverheerlijking. Zijn dijen namen de zonde aan van het beledigen van de geestelijk leraar. Zijn geslachtsdelen belichaamden de zonde van het verkopen van een dochter. Zijn achterste vertegenwoordigde de zonde van het doorvertellen van vertrouwelijke zaken. Zijn voeten werden opgebouwd uit de zonde van het vermoorden van de vader en zijn haren namen de gedaante aan van alle minder ernstige zonden. Op deze manier belichaamde deze afschuwelijke persoonlijkheid genaamd Papa-purusa alle mogelijke zondige activiteiten en slechte eigenschappen. Zijn lichaamskleur was zwart, zijn ogen geel en hij legde zondige mensen buitengewone ellende op.

Toen Hij deze zondige persoonlijkheid zag begon de Allerhoogste Persoonsoonlijkheid Gods, Heer Vishnu, als volgt bij Zichzelf te denken: ‘Ik ben de schepper van alle ellende en blijschap van de levende wezens. Ik ben hun meester, want Ik heb deze zondige persoonlijkheid geschapen, die ellende geeft aan oneerlijke, bedrieglijke en zondige mensen. Nu moet Ik ook iemand creëren die deze persoonlijkheid onder controle heeft.’ Toen schiep de Heer de persoonlijkheid Yamaraja en de verschillende helse planeten. Als zielen heel zondig geleefd hebben, worden ze na hun dood voor Yamaraja geleid die hen, afhankelijk van welke zondige activiteiten ze precies begaan hebben, naar een bepaalde helse planeet stuurt om te lijden en zo hun slechte karma af te wikkelen.

Nadat de Allerhoogste Persoonsoonlijkheid Gods, die de brenger is van het geluk en verdriet van de levende wezens, deze regeling getroffen had, besteeg Hij de rug van Garuda, de koning der vogels en de persoonlijke drager van Heer Vishnu, en begaf zich op weg naar de planeet van Yamaraja. Toen Yamaraja Heer Vishnu zag aankomen, stroomde zijn hart over van blijdschap. Hij bracht Hem zijn eerbetuigingen, waste vervolgens de lotusvoeten van de Heer en schonk Hem toen diverse giften. Tevens bood hij Hem een mooie gouden troon aan om op plaats te nemen. De Allerhoogste Persoonlijkheid Gods wilde net gaan zitten toen Hij uit zuidelijke richting een luid geschreeuw hoorde. Hij was hier verbaasd over en informeerde bij Yamaraja, ‘Waar komt dit luide geweeklaag vandaan?’ Yamaraja antwoordde, ‘Ach Heer! Het zijn de verschillende levende wezens van het aardse planetenstelsel die gevallen zijn in de helse planeten. Op het ogenblik lijden zij door de misdaden die ze in het verleden hebben gepleegd. Wat U hoort zijn hun kreten van angst en pijn.’

Nadat Heer Vishnu dit vernomen had, ging Hij naar de helse regionen. Toen de inwoners zagen wie op bezoek was, begonnen ze nog luider te schreeuwen. Het hart van de Heer stroomde over van mededogen. Hij dacht, ‘Ik heb al deze nakomelingen geschapen en het is Mijn schuld dat ze lijden.’ Nadat de genadige Heer zo dacht, manifesteerde zich plotseling uit Zijn lichaam een godheid genaamd Ekadasi. Later, toen de zondige levende wezens Ekadasi begonnen te volgen, werden ze daardoor spoedig verheven naar Vaikuntha, de transcendentale woonplaats van Heer Vishnu waar alle zielen thuishoren en mogen leven in eeuwig geluk, als liefdevolle dienaren van de Heer. O mijn zoon Jaimini, daarom heeft Ekadasi dezelfde gedaante als de Allerhoogste Persoonlijkheid Gods Sri Vishnu en de Superziel in het hart van alle levende wezens. Het volgen van Ekadasi is een vrome daad.

Toen de Papa-purusa de sterk zuiverende invloed bemerkte die Ekadasi op de mensen had, benaderde hij Heer Vishnu met onrust in zijn hart. Hij reciteerde prachtige gebeden, waarna de Heer zei: ‘O Papa-purusa, Ik ben erg blij met je gebeden. Wat voor zegen wil je hebben?’ De Papa-purusa antwoordde: ‘O Heer, ik ben door U geschapen en door mij wilde U de zondige levende wezens ellende geven. Maar nu, door de invloed van Sri Ekadasi, ben ik praktisch helemaal vernietigd, O Meester! Nadat ik dood ben, zullen alle deeltjes van U die een materieel lichaam geaccepteerd hebben, bevrijd worden en terugkeren naar Uw woonplaats in Vaikuntha. Als deze bevrijding van alle levende wezens plaats zal vinden, hoe zullen Uw activiteiten dan voortgang vinden? Er zal niemand zijn die het spel en vermaak op aarde verricht. O Keshava,  Als U wilt dat dit eeuwig spel en vermaak blijft doorgaan, red me dan alstublieft van deze angst voor Ekadasi. Geen enkele vrome daad kan mij tegenhouden, behalve Ekadasi, omdat ze uit Uzelf geboren is. Uit vrees voor Sri Ekadasi ben ik gevlucht en heb overal geprobeerd om bescherming te zoeken – bij mensen, bij dieren, insecten en heuvels, bij bomen, bewegende en niet-bewegende levende wezens, rivieren, zeeën en wouden, bij de hemelse, aardse en helse planeten, zelfs bij de halfgoden en de Gandharva’s. Maar nergens kan ik een plaats vinden waar ik vrij ben van de angst voor Sri Ekadasi. O Meester! Ook ik ben een product van Uw schepping. Wees me alstublieft genadig en wijs me een plaats waar ik onbevreesd kan verblijven.’

Nadat de Papa-purusa zo gesproken had boog hij neer voor de lotusvoeten van Heer Vishnu, die alle ellende weg kan nemen, en begon te huilen. Heer Vishnu bekeek de conditie van de Papa-purusa met een glimlach en begon als volgt te spreken: ‘O Papa-purusa! Sta op! Klaag niet langer, luister nu en Ik zal je vertellen wat je te doen staat.

Op de dag van Ekadasi, die de weldoener is van de drie planetenstelsels, kun je bescherming zoeken in granen en peulvruchten. Er is geen reden meer om je zorgen te maken want Sri Ekadasi zal je niet langer lastigvallen.’ Nadat Heer Vishnu de Papa-purusa de juiste aanwijzingen gegeven had, verdween Hij en de Papa-purusa keerde terug om zijn werk voort te zetten.

“O Jaimini,” vervolgde Srila Vyasadeva zijn relaas, “om deze reden dienen degenen die het uiteindelijk welzijn van de ziel serieus nemen geen granen en peulvruchten te eten op Ekadasi. Volgens de aanwijzing van Heer Vishnu zijn alle soorten zonden die we ter wereld tegen kunnen komen op deze dag aanwezig in dit soort voedsel. Degene die Ekadasi volgt, is vrij van alle zonde en zal nooit naar de hel gaan. Als iemand het uit zinsbegoocheling nalaat Ekadasi te volgen, dan wordt dit als een overtreding beschouwd. Voor elke hap granen die bewoners van de aarde op deze dag eten, ontvangen ze karmische terugslagen. Het is daarom absoluut noodzakelijk om geen granen te eten op Ekadasi. Ik zeg het nadrukkelijk, keer op keer, ‘Eet geen granen op Ekadasi, eet geen granen, eet geen granen!’ Of je nu een ksatriya’, vaisya of sudra bent, of van wat voor familie dan ook afkomstig, je dient altijd Ekadasi te volgen. Hierdoor zal de perfectie van varna” en ashrams” worden behaald. Zelfs als iemand door toeval de gelofte van Ekadasi volgt, zullen al zijn zonden worden vernietigd en zal hij heel gemakkelijk het hoogste doel bereiken,Vaikuntha, waar angst en vrees geen plaats hebben.”

Ekadasi komt twee keer in de maand voor, namelijk op de elfde (eka = 1, das =10) dag na elke volle en nieuwe maan. Elk jaar wordt een Vaisnava-kalender gepubliceerd waarin o.a. de Ekadasi-data en tijden om het vasten te breken staan vermeld.

Er zijn drie aanbevolen manieren waarop we Ekadasi kunnen volgen:
1 door slechts één keer per dag de Ekadasi-maaltijd te nuttigen;
2 door helemaal te vasten van voedsel maar wel water te drinken;
3 door helemaal te vasten en die dag zelfs geen water te drinken (nirjala).

De volgende ochtend wordt het vasten op de aangegeven kalendertijd gebroken door granen te eten (zie kalender)

Ekādaśī is the mother of Kṛṣṇa- Bhakti, love and affection. If you do not follow ekādaśī, Kṛṣṇa- Bhakti will never come.